Atelier Emmaus

Onderwaterwereld (01BK03A02)

Afbeelding

Samenvatting van de opdracht

In deze opdracht ga je een 'wondere onderwaterwereld' schilderen door gebruik te maken van alle mogelijke schildertechnieken.

Gegevens van deze opdracht

  • Maximaal aantal lesuren voor deze opdracht: 6
  • Belangrijkste beeldaspect(en): kleur, ruimte
  • Soort ondergrond (drager) en formaat: Papier 32 x 44 cm, staand of liggend, naar keuze.
  • Benodigde materialen: eerst B-potlood, puntenslijper en gum; later: plakkaatverf uit de verfdoos, witte plakkaatverf uit de fles, penselen, waterbakje, onderlegvel om de tafel schoon te houden.
  • Hanteringswijze(n): eerst schetsen, vervolgens alle mogelijke schildertechnieken (zie uitleg).
  • Weging: 12
  • Invalshoek(en): fantasie

Werkzaamheden per les (de les waar je nu mee bezig bent, is in rood weergegeven).

Gewerkte uren aan deze opdracht: 0

  • Les 1: potloodtekening met een B-potlood (lees de instructie)
  • Les 2: potloodtekening met een B-potlood (lees de instructie)
  • Les 3: schilder het hele vlak met sterk verdunde kleuren. Schilder dan de bodem (lees de instructie)
  • Les 4: schilder de rotsen, koralen en dergelijke en grote elementen op de bodem (lees de instructie)
  • Les 5: schilder vissen, waterplanten en dergelijke
  • Les 6: werk het schilderij af

Uitleg

Stel je voor. Je gaat duiken in de zee en hoe dieper je komt, hoe wonderlijker het wordt: een onderwaterwereld van ongekende kleuren en vormen met wonderlijke dieren en mysterieuze voorwerpen. Misschien vind je wel de resten van de beroemde verzonken stad Atlantis, die voor eeuwig verloren werd gewaand, of het wrak van een schip uit de 17e eeuw met de kanonnen en de schatten die het uit de Nieuwe Wereld vervoerde nog aan boord.
Om dit te schilderen, ga je alle mogelijkheden van verf benutten.


Je moet gebruik maken van:

  • gemengde kleuren;
  • de drie-tonen-techniek;
  • lichte en donkere kleuren;
  • verzadigde en onverzadigde kleuren;
  • dekkende en transparante verf;
  • verschillende manieren om de verf aan te brengen ('verftoets');

Het onderwerp is 'onderwaterwereld'.
Het wordt een onderwaterlandschap met rotsen en koralen, zeedieren en waterplanten maar daarbij ook enkele elementen afkomstig van de mens.

  • rotsen
  • koraal
  • vissen
  • haaien
  • octopus
  • waterplanten
  • onderzeeboot
  • schatkist
  • scheepswrak
  • ruïnes in de verzonken stad (bijvoorbeeld resten van tempels).
  • duiker
  • afval

Werkvolgorde

  • Maak eerste een potloodtekening met een B-potlood. Werk niet te gedetailleerd omdat details lastig zijn om te schilderen. Zorg in het onderwaterlandschap voor verschillende vertes (ook wel 'coulissen' of 'plans' genoemd - zoals bij de opdracht 'atmosferisch perspectief' uit het werkboekje).
  • Teken vormen heel groot als ze dichtbij moeten lijken en kleiner als ze verder weg moeten lijken. Zorg dat de elementen in de tekening elkaar overlappen (vormen dichtbij maken vormen verder weg gedeeltelijk onzichtbaar);
  • Schilder dan het hele vlak met transparante, dus sterk verdunde blauwgroene kleuren: heel veel water en maar heel weinig kleur! Geen wit, grijs of zwart gebruiken!
  • Gebruik in de hele tekening geen zwart! Kleuren moet je altijd onderling mengen voordat je ze opbrengt. Een kleur nooit rechtstreeks uit je verfdoos gebruiken.
  • Laat nu even drogen (of gebruik een föhn).
  • Schilder dan de bodem - dekkend maar wel met verschillende kleuren. Begin 'achteraan' met lichte kleuren en weer naar 'voren' toe met steeds donkerdere kleuren. In de voorgrond kun je witte verf bijmengen (Ecola, uit de fles, vraag bij de docent) . Gebruik de drie-tonen-techniek.
  • Schilder dan de rotsen, koralen en dergelijke. Schilder deze met grote variatie in tinten en korte verftoetsen. Ook hier witte plakkaatverf bij mengen. Gebruik de drie-tonen-techniek.
  • Schilder dan grote elementen op de bodem, bijvoorbeeld een scheepswrak of resten van de Verzonken Stad. Ook hier witte verf bij mengen. Gebruik de drie-tonen-techniek.
  • Schilder dan vissen, waterplanten en dergelijke. Elementen dichtbij schilder je met meer contrast en met verzadigder kleuren dan elementen veraf. Om heldere kleuren te krijgen moet je witte verf bijmengen. Gebruik de drie-tonen-techniek.
  • Werk het schilderij tenslotte af door allerlei details toe te voegen en door de structuur van rotsen, koralen e.d. nog wat te versterken. In deze allerlaatste fase mag je op de donkerste plaatsen een enkel stipje zwart zetten. Je mag dan ook puur wit gebruiken om de lichtste plekken nog helderder te maken.

Verdere informatie.

Afbeelding

Wat ga je door deze opdracht leren?

Je leert werken met diepte, met structuur, met licht-donker en je leert een groot aantal verschillende schildertechnieken.





PRINT Stampa pagina