Dierpatroon en silhouet (01BK02C01)
Samenvatting van de opdracht
Teken een silhouet (= schaduwvorm) van een dier op een achtergrond die bestaat uit de structuur van de huid van het dier of het patroon op de huid van dat dier.
Gegevens van deze opdracht
- Maximaal aantal lesuren voor deze opdracht: 2
- Belangrijkste beeldaspect(en): structuur (textuur), vorm
- Soort ondergrond (drager) en formaat: papier: 32,5 x 25 cm wit en 32,5 x 25 cm zwart (liggend of staand, naar keuze)
- Benodigde materialen: potlood, puntenslijper, gum, zwart papier, schaar, lijm, vetktijt
- Hanteringswijze(n): vorm van het dier: tekenen en uitknippen; vacht van het dier: vetkrijt in dunne laagjes over elkaar heen (zie uitleg)
- Weging: 4
- Invalshoek(en): waarneming
Werkzaamheden per les (de les waar je nu mee bezig bent, is in rood weergegeven).
Gewerkte uren aan deze opdracht: 0
- Les 1: Dier tekenen op zwart papier en uitknippen. Schetsen van de huid / vacht van het dier op een ander blad.
- Les 2: Uitwerken van de tekening van de huid / vacht met vetkrijt. Uitknippen van de vorm van het dier uit het zwarte blad en die op het blad met de getekende structuur plakken.
Uitleg
- Neem een vel zwart papier 32,5 x 25 cm en teken daarop met een blauw kleurpotlood de omtrek van een dier dat een duidelijke oppervlaktestructuur en /of een duidelijk patroon heeft.
- Teken op een ander blad van 32,5 x 25 cm eerst weer een kader (ongeveer 1,5 cm uit de rand) en dan een detail van de huid of de vacht van dezelfde diersoort als die van de omtrek. Besteed veel aandacht aan het patroon en de structuur van de huid of vacht. Schets eerst met potlood en werk daarna uit met vetkrijt.
- Breng eerst in dunne lagen over elkaar heen kleur aan. Meng zo de kleuren. Gebruik voor zwart voorlopig donkerbruin en donkerblauw door elkaar. Daar waar je later het silhouet van het dier gaat plakken, hoef je de kleur niet ver uit te werken (je kunt het silhouet van het dier alvast uitknippen en de vorm dun op de goede plaats met potlood omtrekken om te weten waar het dier gaat komen)
- Gebruik wit vetkrijt om de kleurvlakken met elkaar te verbinden, dat wil zeggen: enigszins uit te smeren en te verzachten. Voeg daarna nog meer detail toe.
- Pas op het allerlaatst kun je wat accenten zetten met zwart krijt. Wees heel zuinig met zwart!
- Knip het silhouet dat je eerder hebt getekend uit en plak het op de vetkrijttekening.
Download het
voorbeeldenboekje diersilhouetten (PDF) om ideeën op te doen.
Verdere informatie.
Wat ga je door deze opdracht leren?
Je leert de vorm van een dier kennen en je krijgt inzicht in de structuur van vacht of de huid van dieren. Je leert daarvoor een vorm vinden met vetkrijt.